Fabeltjes

 

  • Het kunstmatig voederen zou vogels afhankelijk maken. Dat zou een heel stomme strategie zijn om enkel daarop te vertrouwen. In het wild moeten vogels zich aanpassen aan veranderende voedselsituaties of anders halen ze het niet. Vogels zoeken zeker niet alleen voedsel in jouw tuin alleen.
  • Voedsel geven tijdens de broedperiode heeft negatieve gevolgen voor de jonge vogels. Hier zijn de meningen over verdeeld. Jonge vogels krijgen een eiwitrijkdieet van rupsen, larven, wormen en spinnetjes. Uit Brits onderzoek is gebleken dat ouders hun jongen altijd van eiwitmenu voorzien, aangenomen dat het ook te vinden is! Met de zaden op de voedertafel vullen vooral de ouders hun maag, maar de rupsen en wormen zijn voor de jongen. Op bescheiden schaal het hele jaar zaden aanbieden kan dus geen kwaad. Jonge mussen trekken in de nazomer naar de graanvelden om hun voedsel te zoeken. Gezien tijdens het oogsten door moderne machines geen graantje meer verloren gaat, kan het strooien van graanmengelingen en gedroogde insecten helpt de huismus al energie op te bouwen voor de winter.
  • Het bijvoederen zet territoria onder druk. Uit een ander onderzoek blijkt dat ouders in een territorium waarin bijgevoederd wordt, meer energie moeten steken in het verdedigen van de ‘gemakkelijke’ hap. Weer andere onderzoeken beweren net het tegenovergestelde. Wie ook gelijk heeft: SOS wilde dieren wil vooral meer een natuurlijk voedselaanbod en spreiding van voedsel in tuinen, parken en natuurgebieden!

Boeknavigatie